‘Dominee, wilt u alstublieft mijn vrouw bezoeken, ze heeft het heel erg moeilijk en ik ben zo verdrietig dat ik niets kan doen, alstublieft help mijn vrouw’.
Een man komt na de kerkdienst in een gevangenis naar mij toe en probeert mij te overtuigen dat ik hem als diaconaal pastor kan helpen.

Naast mijn werk als diaconaal pastor van Kerken met Stip ben ik gastpredikant in de gevangenissen. Als invaller stel ik mezelf dan voor en vertel heel in het kort wat Kerken met Stip voor vereniging is.
Het raakt mij hoe deze man zichzelf en zijn eigen situatie niet op de voorgrond zet maar juist benadrukt dat zijn vrouw het moeilijk heeft.
Ik leg deze man uit dat zijn vrouw zelf moet bellen naar Kerken met Stip met de vraag om hulp. De man vertelt dat zijn vrouw elke week op bezoek komt en dat het haar enorm veel kost om dat te doen. Ook vertelt hij dat ze geen familie heeft om op terug te vallen en buren die discrimineren omdat ze uit Kroatië komen.
In zijn situatie zette hij al zijn hoop op een wildvreemde, een voorbijganger, want dat ben ik als invaller.

Als ik ergens te gast ben dan vertel ik altijd dat Kerken met Stip een landelijk oecumenisch netwerk is van kerken. Dat Stipkerken een bewuste keuze maken om gastvrij te zijn voor mensen die met justitie in aanraking zijn gekomen en mensen met psychische problemen. Steeds meer wordt er vanuit gegaan dat iedereen zelfredzaam is. Dat is een mooi streven maar we zien om ons heen dat veel mensen niet zelfredzaam zijn en een steuntje in de rug kunnen gebruiken.
Ruim 15 jaar geleden is Kerken met Stip ontstaan vanuit het rooms katholiek en protestants justitiepastoraat. De stip is geïnspireerd op zogenaamde ´Hobo-tekens´, bij zwervenden in de VS zeer bekend. Dak- en thuislozen plaatsten een stip op de muur van een huis of instelling als men daar gastvrij ontvangen was. Dit om lotgenoten het adres aan te bevelen. Er werd in het justitiepastoraat gesignaleerd dat veel gedetineerden tijdens de detentie intensief gebruik maken van het pastoraat. En dat velen ook behoefte hebben aan pastorale zorg na de detentie. Zo zijn er inmiddels 65 ´Kerken met Stip´. Het is een netwerk met een grote variëteit aan protestantse, rooms katholieke, evangelische en migrantenkerken.

Kerken met Stip bieden niet alleen iets aan, maar willen vooral ook aangesloten zijn op de behoefte van de mensen om wie het gaat. Het kan dus zijn dat iemand niet direct behoefte heeft aan het bijwonen van een kerkdienst, maar wel aan praktische persoonlijke ondersteuning. Kerken met Stip willen outreachend zijn en op die plaatsen aanwezig zijn waar mensen anderen nodig hebben.

Ongeveer een week nadat ik in de gevangeniskerkdienst de man gesproken heb gaat de telefoon. Een voorzichtige vrouwenstem zegt: ‘Mijn man vertelde dat ik u mocht bellen, is dat zo? Ik heb niemand meer, mijn familie woont in het buitenland en mijn kinderen mag ik maar een keer per week zien. Ik wil zo graag iemand waar ik af en toe eens mee kan praten. Mijn buren maken ruzie en schelden mij uit omdat ik niet uit Nederland kom. Weet u iemand in mijn woonplaats waar ik mee kan praten?’. We praten nog wat door en nadat ik de telefoon heb neergelegd ga ik bellen met kerken in de woonplaats van de vrouw.

Ik vind een vrijwilligster die deze vrouw wil ondersteunen in haar situatie. Elke week bezoekt de vrijwilligster de vrouw en ze maakt kennis met de kinderen. Af en toe bel ik beide vrouwen op om te vragen hoe het met hen gaat. Beide vrouwen genieten van elkaars contact. Soms krijg ik een foto over de app met blijde gezichten en een dankwoordje.
Na ruim een jaar komt de man vrij en bezoekt de vrijwilligster beiden nog een aantal keren. Daarna is het niet meer nodig want ze krijgen een huis toegewezen in een andere woonplaats.

De passie voor mensen die in de knel zijn gekomen delen we met veel organisaties. Zo kwam ik ook in gesprek met Vincent van Stichting Antwoord en Ineke van ‘Ik teken ervoor’.
In dit geanimeerd gesprek ontdekten we dezelfde passie. We willen gaan ontdekken waar mogelijkheden zijn voor samenwerking of doorverwijzing naar elkaar. Om te beginnen is hier een introductie van de vereniging Kerken met Stip. Bovenstaand verhaal is een kleine inkijk van het werk dat we doen. Niet alle contacten zijn zo afgebakend als in dit verhaal. Er zijn mensen die hun leven lang een steuntje in de rug nodig hebben.

Wilt u meer weten over Kerken met Stip, kijk dan op onze website www.kerkenmetstip.nl

In de zomer van 2019 zijn wij (Sanne, Bert en Ineke Ruiter) onder de paraplu van Dorcas Hongarije een week in een jongensgevangenis aan het werk geweest in Debrecen, vlak bij de Dorcas camping (waar we al actief zijn met zomerkampen aan kinderen). De jongens die in de gevangenis verblijven zijn tussen de 13 en 21 jaar oud. We hebben ingezet op een programma ‘Changing men’ vanuit het verhaal van Zacheus uit de Bijbel, een 2e kans. Dit is goed uitgepakt bleek na de evaluatie met de directeur van de gevangenis. Hij vroeg om een vervolgprogramma, niet voor 1 week, maar een project waar we ons aan willen verbinden voor de komende 2 jaar! Daar hebben wij met elkaar ja op gezegd.

Dit houdt in dat we 4 x per jaar een structureel programma aanbieden wat toekomst gericht is, met recht op herstel, en dat deze jonge jongens weer iets doen met hun talenten en een eigen identiteit ervaren. Vaak hebben ze te maken gehad met afwijzing en gebrek aan liefde in het gezin, met alle gevolgen van dien. Doordat wij geen ’bewakers zijn’ maar vrijwilligers die op een andere manier aan de slag gaan, hopen we dit te bereiken.

De nazorg en participatie en  wordt door Dorcas Hongarije geregeld. Wij vliegen in vanuit Nederland als vrijwilliger, ieder met onze eigen achtergrond en kennis. Bert heeft theater achtergrond, Sanne is coach, en Ineke gebruikt de tekentaal. We zijn dankbaar dat we onze gaven en talenten kunnen inzetten voor dit werk in Hongarije, mede door de mestactie kan dit werk onder gevangenen in Hongarije door blijven gaan.

COVID-19 update
We leven in een bijzondere tijd. Het coronavirus raakt ons allemaal, direct of indirect, persoonlijk of bedrijfsmatig. Hier bij Antwoord leven we met u mee en vooral met iedereen die ziek is, herstellende is of familie/vrienden heeft verloren door dit virus. We bidden voor u en blijven dat doen.

Ook de wereldwijde kerk van Jezus Christus moet zoeken naar nieuwe vormen om samen God te aanbidden en om elkaar te ontmoeten. Ook in ons land.
Gevolgen van een lockdown en andere maatregelen merken wij ook bij onze zendingsorganisatie. We werken samen met lokale kerk in het buitenland en de pastors moeten steeds aanpassingen doorvoeren. Zo ook de projectleiders die hun uiterste best doen om zoveel als mogelijk hun werk door te laten gaan.
Wat geweldig dat Gods Woord niet te stoppen is. De Bijbel zegt ‘dat Het Woord levend is en krachtiger is dan enig tweesnijdend zwaard.’ En zo gaat het Evangelie door ook op de plekken waar aanpassingen gedaan moeten worden.

Op ons kantoor in Andijk gaan we door, ondanks de omstandigheden die ons ook raken. We blijven vertrouwen op onze God en leven in de verwachting dat Hij de God is die tot geweldige dingen in staat is. Onze God is onveranderlijk. Hij is gister, vandaag en voor altijd dezelfde!

Blijft u ons alstublieft steunen met uw gebed en giften. We hebben u nodig. U zaait in Gods Koninkrijk en investeert in kostbare levens zodat zij de Here Jezus persoonlijk leren kennen. Ook in 2021 willen we ‘antwoord’ blijven geven op de vraag naar het Evangelie.

Dank voor uw bemoedigingen en medeleven. We bidden als Team Antwoord wekelijks voor onze donateurs, de kerken en allen waar we een relatie mee hebben.
Gebed is krachtig!

Op 25 februari j.l. wordt Jafar gearresteerd in Ethiopië. Hij is 36 jaar en woont in het Arsi district. Hij wordt vanuit zijn woonplaats Gulobecha overgebracht naar de Asella gevangenis. Dit is een gevangenis met een capaciteit voor 400 gevangenen waar soms wel 3.000 gedetineerden tegelijk worden vastgehouden.

In de gevangenis wordt Jafar ziek. Hij zegt daar zelf over: “Ik zat in de gevangenis en was heel angstig en kreeg mentale problemen. Ik schreeuwde ’s nachts en stoorde andere gevangenen die in dezelfde ruimte opgesloten zaten.”

De bewakers zetten hem om deze reden geketend in volledige isolatie. Zo proberen ze te voorkomen dat Jafar een stoorzender is voor de andere gevangenen. Dit maakt Jafar echter nog angstiger en depressiever.
Op een nacht droomt hij over een man die hem aanmoedigt naar de kerk te gaan. De volgende ochtend wordt Jafar wakker en vertelt een medegevangene, die water en voedsel rondbrengt, over zijn droom. Deze gevangene is christen en nodigt Jafar uit voor een dienst in de gevangenis. Jafar krijgt toestemming van de bewakers om deze dienst bij te wonen.

In de gevangenisdienst ziet Jafar andere gevangenen bidden. Jafar knielt zelf ook neer en begint te bidden. Jafar zegt hierover: “Ik weet niet hoe ik knielde en bad, maar ik knielde met hen en bad. Toen hoorde ik het Woord van God. Het was de eerste keer dat ik Gods Woord hoorde.”
De predikant vraagt, nadat Jafar meer over zijn angsten en depressie heeft verteld, of hij voor hem mag bidden. Tijdens het gebed wordt Jafar onmiddellijk bevrijd van de ketenen van angst en depressie.

Jafar zit nu nog steeds in de gevangenis, maar voelt zich ondanks dat gelukkig. Jafar: “Ik ben nu gelukkig, ik heb vrede in mijn hart. Ik ga regelmatig naar de kerk, ik bid en ik hoor het Woord van God. Ik heb nu niet al te veel zorgen. Ik ben genezen”. Jafar dankt God nog elke dag voor wat voor hem is gedaan.

Andrei kwam twee maanden geleden tot geloof. Hij verblijft in een extra beveiligde gevangenis In Oekraïne omdat hij een moord heeft gepleegd. In de gevangenis is er een speciale vleugel. Hier zitten de gevangenen voor zeer zware vergrijpen, dat is de plek waar Andrei zit. Nog niet zo lang geleden was Andrei ook in de gevangenis geen lieverdje. De gevangenen die naar de samenkomsten wilden, werden door Andrei geïntimideerd. Sommigen bleven om zijn toedoen weg van de samenkomsten. Op een dag werd Andrei uitgenodigd om zelf eens te komen kijken. Zijn nieuwsgierigheid overwon het en hij kwam naar de samenkomst. Andrei vond het fijn en voelde pure, oprechte liefde die hij nog nooit eerder had ervaren. Hij begon steeds vaker te komen en op een dag boog hij zijn hoofd voor de Heer in een gebed van berouw, Andrei ontving de vreugde van de vergeving van zijn zonden.

 

Lajos Boros. Hij heeft meer dan 30 jaar van zijn leven in de Hongaarse gevangenis doorgebracht. Maar God vergat hem niet! In de gevangenis heeft hij Jezus aangenomen. Nu vertelt hij in gevangenissen over Jezus. Lajos Boros: “Als God mij kon redden van mijn uitzichtloze leven in de gevangenis, dan kan Hij ook alle andere gevangenen weer hoop en nieuw perspectief geven en daar getuig ik van.” Twintig jongens hebben die week de Here Jezus in hun hart aangenomen.